Fulvous Whistling duck

Gele fluiteend

Fulvous Whistling duck (Dendrocygna bicolor)

De Fulvous Whistling duck (Dendrocygna bicolor) is een whistling duck uit de familie van de water birds that includes ducks, geese, and swans (Anatidae).


Nederlandse naam:
Gele fluiteend
Engelse naam:
Fulvous Whistling duck
Duitse naam:
Gelbbrust Pfeifgans
Franse naam:
Dendrocygne fauve
Wetenschappelijke naam:
Dendrocygna bicolor

Taxonomische indeling



Uiterlijke kenmerken:

Have a Rufous-brown crown and upper nape, which becomes blackish down the center of the hindneck. The sides of the head, neck, chest and belly are a rich Rufous-buff, with the sides of the neck paler, almost whitish, with fine dark striations. The back is dark brown with chestnut feather fringes, and the rump is white. Ivory-edged side and flank feathers form a striking border between the sides and back. A distinctive white "V" separates the brownish-black tail from the dark-colored back. The bill, legs and feet are blue-gray and the iris is dark brown.

As male but slightly smaller and duller

Duller then adults, with darker edgings to feathers on upper-parts, reduced tawny edgings on upperwing-converts and brown margins to whitish uppertail –converts. 


Strong, probably permanent pair-bonds.

Maten en Gewicht

Lengte man:
De man (woerd) van de Fulvous Whistling duck heeft een lichaamslengte van ongeveer 45-55 centimeters. De vrouw (pop) heeft een lichaamslengte van ongeveer 45-53 centimeters.
Gewicht man:
Het mannetje weegt ongeveer 621-755 gram. Het vrouwtje weegt ongeveer 631-739 gram.
Het gewicht is notoir variabel en kan alleen als indicatie worden gebruikt!

Whistling-ducks generally do well, either in pens or in a park with access to extensive water area and good natural cover. They are gregarious outside the breeding season, and groups may bully smaller duck species, so should be kept in large areas, in which other birds have room to escape. Most need shelter in severe weather and a well-sheltered pen with frost-free night quarters for winter is suggested, or plenty of ground cover and/or straw to stand on, as they are susceptible to frostbite. They may be kept fully-flighted in aviaries, and have also been kept full-winged in open pens, tending not to wander. Perches should be provided at an appropriate height for pinioned or wing-clipped birds. Commercial pellets and grain are suitable for feeding.

Elevated nest boxes are appreciated by most species, although pinioned birds will use ground-level boxes; boxes may be placed over water or land. Eggs may be incubated by bantams and ducklings may be bantam-reared. Many species have been successfully parent-reared in captivity. Pairs kept isolated and fully flighted in a covered pen, with high-hung nest boxes "seldom fail to rear broods". Whistling-duck species may hybridise with one another and therefore should be kept in separate enclosures, and hybridisation has also occasionally been reported with Rosy-billed pochard (Netta peposaca).

Fulvous whistling-ducks are fairly hardy, but a frost-free area is required for winter - they may need indoor accommodation in severe/frosty weather. They are easy to keep, usually peaceable (some individuals may be fairly aggressive), lively and attractive in mixed collections; they are frequently kept in small groups, therefore being good for display purposes. These ducks are hardy, peaceable and lively. Sizeable ponds are preferred, with a depth of 60-80cm or greater to allow diving; an area for seclusion and opportunities for perching should also be provided. They may be fed wheat and standard pellets, together with green food such as lettuce, duckweed, grass, and bread.

This species is easy to breed. These ducks nest in ground vegetation; they also use ground-level or raised nest boxes or a hollow log screened with vegetation. Egg-laying may begin in April to June. Downies require warmth and care initially, with warm water for bathing. They initially require food in water for filter-feeding, will take moist crumbly food later but will take each beakful to water. These ducklings may be best parent-reared, but an incubator or broody may also be used.

May hybridise with Plumed whistling duck (Dendrocygna eytoni)Lesser whistling duck (Dendrocygna javanica)White-faced whistling duck (Dendrocygna viduata).


Het vrouwtje Fulvous Whistling duck legt doorgaans zo'n 6-16 cream to buff-white eieren het broeden duurt 28-30 dagen.

Kunstmatig broeden:

De ideale relatieve luchtvochtigheid voor het uitbroeden van de meeste watervogeleieren is 55% voor grondbroeders en 40% bij holenbroeders. De temperatuur is meestal 37,4° C. Stel ventilatie in zoals aanbevolen door de fabrikant van de broedmachine. Eieren moeten minimaal 4 keer per dag automatisch of met de hand worden gedraaid. Naarmate de vrucht zich ontwikkelt, verliest het ei water en wordt de luchtzak groter. Bij normale ontwikkeling van een ei met een incubatietijd van 28-30 dagen neemt de luchtzak ongeveer een derde van het ei in beslag, dit bij drie dagen voor uitkomst. Reinheid is van vitaal belang en idealiter moet de luchtvochtigheid worden verhoogd tot 65% nadat de eerste tekenen van uitkomst zichtbaar worden.

Aanbevolen passende ringmaat voor de Fulvous Whistling duck is 12 mm.
De gesloten pootring kan alleen aangebracht worden bij een jonge whistling duck van ongeveer 12-14 dagen oud.

It doesn't matter what leg that you band, but it's good to have a consistent system.
Suggested: Left leg = Female, Right leg = Male
Lundi Premium
Lundi Premium
Lundi Premium
Lundi Premium
Lundi Premium

Floating full food for all sea ducks, green ducks, eider ducks and geese, especially in the moulting and breeding phase ideally suited. Packed with wholesome raw materials, natural vitamins and trace elements, this performance food with a protein content of 30% forms the basis for lifelong vitality.

Europese soort

Het is niet verboden om deze vogels te houden die van nature in Nederland voorkomen, op voorwaarde dat deze vogels in gevangenschap zijn geboren; nakweek dus. Deze vogels zijn voorzien van een gesloten pootring. Het is wel verboden om deze vogels te houden die in het wild gevangen zijn. Alleen bepaalde instanties, zoals vogelasiels en vogelhospitalen, zijn bevoegd om jonge en gewonde wilde vogels te houden. Deze bescherming van vogels wordt vormgegeven door schadelijke handelingen te verbieden zoals:het doden, verwonden, vangen, bemachtigen en met het oog daarop opsporen van vogels (art. 9 Flora- en faunawet); het opzettelijk verontrusten van vogels (art. 10 Flora- en faunawet);het beschadigen, vernielen, uithalen, wegnemen en verstoren van nesten, holen of andere voortplantings- of vaste rust- of verblijfplaatsen van vogels (art. 11 Flora- en faunawet);en het zoeken, rapen, uit het nest nemen, beschadigen of vernielen van eieren van vogels (art. 12 Flora- en faunawet).

Foto's van de Fulvous Whistling duck

Video's van de Fulvous Whistling duck